Zwart-witte kuifarend
Kuifarenden, Wereldwijd
Het genus Spizaetus omvat een kleine groep grote kuifarenden uit de familie Accipitridae. Binnen de huidige taxonomische indeling wordt de naam vooral gebruikt voor enkele soorten uit Midden- en Zuid-Amerika, terwijl verschillende Aziatische soorten die vroeger ook onder Spizaetus vielen tegenwoordig meestal in het genus Nisaetus worden geplaatst. Daardoor heeft Spizaetus nu een beperktere, maar duidelijk herkenbare betekenis binnen de roofvogels.
Soorten van Spizaetus leven vooral in tropische en subtropische bossen en zijn sterk gebonden aan uitgestrekte boomrijke leefgebieden. Het gaat om krachtige, middelgrote tot grote arenden met brede vleugels, een lange staart, bevederde poten en vaak een opvallende kuif. Door die combinatie van kenmerken hebben deze vogels een slank maar krachtig silhouet dat goed past bij een leven in bosrijk terrein.
Het voedsel bestaat uit middelgrote prooien zoals vogels, kleine zoogdieren, reptielen en andere gewervelden. De jacht vindt meestal plaats vanuit dekking of tijdens korte, snelle aanvallen tussen bomen en over open plekken in het bos. Soorten van Spizaetus zijn daardoor echte bos roofvogels, aangepast aan het manoeuvreren in gesloten of halfopen boslandschap.
Voor het broeden worden grote nesten van takken gebouwd, meestal hoog in bomen. Zoals bij andere arenden worden doorgaans weinig eieren gelegd en is de voortplanting relatief traag. Het genus Spizaetus vormt daarmee een herkenbare groep van Amerikaanse kuifarenden die sterk afhankelijk zijn van rustige, uitgestrekte en structuurrijke bosgebieden.
Soorten van Spizaetus leven vooral in tropische en subtropische bossen en zijn sterk gebonden aan uitgestrekte boomrijke leefgebieden. Het gaat om krachtige, middelgrote tot grote arenden met brede vleugels, een lange staart, bevederde poten en vaak een opvallende kuif. Door die combinatie van kenmerken hebben deze vogels een slank maar krachtig silhouet dat goed past bij een leven in bosrijk terrein.
Het voedsel bestaat uit middelgrote prooien zoals vogels, kleine zoogdieren, reptielen en andere gewervelden. De jacht vindt meestal plaats vanuit dekking of tijdens korte, snelle aanvallen tussen bomen en over open plekken in het bos. Soorten van Spizaetus zijn daardoor echte bos roofvogels, aangepast aan het manoeuvreren in gesloten of halfopen boslandschap.
Voor het broeden worden grote nesten van takken gebouwd, meestal hoog in bomen. Zoals bij andere arenden worden doorgaans weinig eieren gelegd en is de voortplanting relatief traag. Het genus Spizaetus vormt daarmee een herkenbare groep van Amerikaanse kuifarenden die sterk afhankelijk zijn van rustige, uitgestrekte en structuurrijke bosgebieden.
Zwart-witte kuifarend
[LAT] *Spizaetus melanoleucus* |
[UK] Black-and-white Hawk-Eagle |
[FR] Aigle noir et blanc |
[DE] Schwarzweißer Haubenadler |
[ES] Águila blanquinegra |
[NL] Zwart-witte kuifarend
Berlijn, Suriname
Berlijn, Suriname



De zwart-witte kuifarend heeft status LC (Least Concern).

Het verspreidingsgebied is zeer groot en hoewel een afnemende trend wordt genoemd, is die afname niet snel genoeg om de soort wereldwijd in een bedreigingscategorie te plaatsen.
Het verspreidingsgebied loopt van zuidelijk Mexico door Midden-Amerika tot in noordoost Argentinië. In Suriname betreft het een zeldzame bosvogel, die soms ook in het kustgebied wordt gezien. Over seizoensverplaatsingen is weinig met zekerheid bekend; trekgedrag is niet goed gedocumenteerd.
Het verenkleed is opvallend contrastrijk zwart-wit. Kop, hals en lichaam zijn wit, met een kleine kuif die als een donkere vlek op de witte kop kan ogen. Vleugels zijn zwart en de staart is bruinachtig met donkere grijs-zwarte dwarsbanden en een witte punt. De iris is oranje en de poten zijn helder geel. Beide seksen lijken op elkaar, waarbij het vrouwtje gemiddeld groter is.
Leefgebied bestaat vooral uit beboste gebieden in tropische en subtropische zones, vaak in de nabijheid van open terrein of rivieren; in Brazilië komt de soort ook voor in savanne-achtige landschappen. Jacht bestaat uit een snelle duik vanuit hoog cirkelen richting boomkruinen, waarbij prooien vooral zoogdieren, padden, reptielen en diverse vogelsoorten omvatten, met name zangvogels.
Broeden vindt plaats hoog in het bos, met een nest in of nabij het bladerdak op grote hoogte (circa 40 meter). Het nest wordt uit takken opgebouwd en ligt doorgaans op een plek met overzicht over zowel bos als nabijgelegen open delen van het landschap.
Het verspreidingsgebied loopt van zuidelijk Mexico door Midden-Amerika tot in noordoost Argentinië. In Suriname betreft het een zeldzame bosvogel, die soms ook in het kustgebied wordt gezien. Over seizoensverplaatsingen is weinig met zekerheid bekend; trekgedrag is niet goed gedocumenteerd.
Het verenkleed is opvallend contrastrijk zwart-wit. Kop, hals en lichaam zijn wit, met een kleine kuif die als een donkere vlek op de witte kop kan ogen. Vleugels zijn zwart en de staart is bruinachtig met donkere grijs-zwarte dwarsbanden en een witte punt. De iris is oranje en de poten zijn helder geel. Beide seksen lijken op elkaar, waarbij het vrouwtje gemiddeld groter is.
Leefgebied bestaat vooral uit beboste gebieden in tropische en subtropische zones, vaak in de nabijheid van open terrein of rivieren; in Brazilië komt de soort ook voor in savanne-achtige landschappen. Jacht bestaat uit een snelle duik vanuit hoog cirkelen richting boomkruinen, waarbij prooien vooral zoogdieren, padden, reptielen en diverse vogelsoorten omvatten, met name zangvogels.
Broeden vindt plaats hoog in het bos, met een nest in of nabij het bladerdak op grote hoogte (circa 40 meter). Het nest wordt uit takken opgebouwd en ligt doorgaans op een plek met overzicht over zowel bos als nabijgelegen open delen van het landschap.